Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kos·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
kosten
kostte
gekost
zwak -t volledig

Werkwoord

kosten

  1. absoluut voor een bepaalde prijs te koop zijn
    • Dat heeft hem meer gekost dan hij verwacht had. 
  2. absoluut vergen
    • Dat werk kost veel tijd, moeite en geduld. 
     De tocht helemaal afmaken was volgens Josh een complete lifestyleverandering en kostte te veel tijd.[4]
Synoniemen
Anagrammen
Afgeleide begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

kosten mv

  1. alleen meervoud geldbedrag of andere tegenprestatie voor een verkregen voorwerp of dienst of voor veroorzaakte schade
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen


Deens

Woordafbreking
  • kos·ten
Naar frequentie 23354

Zelfstandig naamwoord

kosten, g

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van kost


Noors

Woordafbreking
  • kos·ten
Naar frequentie 13663

Zelfstandig naamwoord

kosten, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van kost


Nynorsk

Woordafbreking
  • kos·ten

Zelfstandig naamwoord

kosten, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van kost