groenbruin

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • groen·bruin
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord groenbruin
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

groenbruin o

  1. (RAL-kleur) een kleur tussen groen en bruin met RAL-nummer 8000.
    • Heeft u die ook in het groenbruin? 
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen groenbruin groenbruiner groenbruinst
verbogen groenbruine groenbruinere groenbruinste
partitief groenbruins groenbruiners -

Bijvoeglijk naamwoord

groenbruin

  1. (RAL-kleur) deze kleur hebbend, een kleur tussen groen en bruin, met RAL-nummer 8000.
    • Hij rijdt in een groenbruine auto. 
Vertalingen

Gangbaarheid