verkeersblauw

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·keers·blauw
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord verkeersblauw
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

verkeersblauw o

  1. (RAL-kleur) een kleur blauw met RAL-nummer 5017.
    • Heeft u die ook in het verkeersblauw? 
stellend
onverbogen verkeersblauw
verbogen verkeersblauwe

Bijvoeglijk naamwoord

verkeersblauw

  1. (RAL-kleur) deze kleur hebbend, een kleur blauw, met RAL-nummer 5017.
    • Hij rijdt in een verkeersblauwe auto. 
Vertalingen


Gangbaarheid