citroengeel

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ci·troen·geel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord citroengeel citroengelen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

citroengeel o

  1. (RAL-kleur) een kleur geel met RAL-nummer 1012; een gele kleur zoals die van een citroen.
    • Heeft u die ook in het citroengeel? 
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen citroengeel citroengeler citroengeelst
verbogen citroengele citroengelere citroengeelste
partitief citroengeels citroengelers -

Bijvoeglijk naamwoord

citroengeel

  1. (RAL-kleur) deze kleur hebbend, een kleur geel, met RAL-nummer 1012.
    • Hij rijdt in een citroengele auto. 
     Overal kwamen er kleine cactusbloemen tevoorschijn: prachtige felle kleuren, van knalroze tot limoengroen, oranje en citroengeel.[1]
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid


Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers