lichtleigrijs

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • licht·lei·grijs
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord lichtleigrijs
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

lichtleigrijs o

  1. (kleur) een grijze kleur, een lichte variant van het leigrijs, de kleur van leien
    • Heeft u die ook in het lichtleigrijs? 
stellend
onverbogen lichtleigrijs
verbogen lichtleigrijze

Bijvoeglijk naamwoord

lichtleigrijs

  1. (kleur) de kleur lichtleigrijs hebbend
    • Hij rijdt in een lichtleigrijze auto. 


Gangbaarheid