keeshond

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kees·hond
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord keeshond keeshonden
verkleinwoord keeshondje keeshondjes

Zelfstandig naamwoord

keeshond m

  1. (dierkunde) langharige, middelgrote hond met pluimstaart
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

90 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be