informatie

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·for·ma·tie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord informatie informaties
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

informatie v

  1. de kennis die iemand te horen krijgt
    • Kunt u mij daar meer informatie over geven? 
     Alle relevante informatie over de trail werd aangegeven, zoals geschikte slaapplaatsen, wegen, dorpen en alle waterbronnen.[2]
     Dinsdag zijn verschillende blokkades van distributiecentra beëindigd, maar volgens informatie van het CBL blokkeren boeren nog altijd zeker tien centra door het land. Dinsdagochtend waren in ieder geval acties bij distributiecentra van Coop, ALDI en Sligro in Deventer, ALDI in Drachten, PLUS in Haaksbergen, Lidl in Almere en Heerenveen, Jumbo in Nieuwegein, Woerden en Raalte en Boni in Nijkerk. Daarvan zijn nu inmiddels meerdere acties beëindigd.[3]
  2. de verstrekking van kennis
    • Ter informatie: u kunt uw papieren hier ophalen. 
Verwante begrippen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "informatie" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  3.   Weblink bron “Schade supermarkten door blokkades loopt in de tientallen miljoenen” (05 juli 2022), NU.nl
  4.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be