inlichting

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·lich·ting
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord inlichting inlichtingen
verkleinwoord inlichtinkje inlichtinkjes

Zelfstandig naamwoord

inlichting v

  1. een hoeveelheid informatie die ter opheldering gevraagd of verstrekt wordt
    • Wij vroegen om inlichtingen bij de VVV. 

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be