werkwoord

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • werk·woord
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord werkwoord werkwoorden
verkleinwoord werkwoordje werkwoordjes

Zelfstandig naamwoord

werkwoord o

  1. (grammatica) woordsoort die in de eerste plaats een handeling of toestand uitdrukt
    • Het huiswerk voor morgen is het vervoegen van deze 12 Franse werkwoorden. 
    • Kan iemand me vertellen wat het werkwoord in deze zin is? 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord werkwoord werkwoorde

Zelfstandig naamwoord

werkwoord

  1. (grammatica) werkwoord