Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • niets
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘onbepaald voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in 1270 [1]
  • afgeleid van niet (bijwoord) met het achtervoegsel -s [2]

Onbepaald voornaamwoord

niets [3]

  1. geen enkel ding, geen enkele zaak
    • Hij was op de markt, maar hij kocht helemaal niets. 
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • niet voor niets
niet gratis
  • uit het niets
zonder duidelijke aanleiding of oorzaak
•  Het was al jaren kurkdroog geweest in Californië, dus ik kon mijn ogen niet geloven toen het opeens uit het niets begon te regenen. [4] 
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen