Nederlands

Huidig
bestand
270


Woordafbreking
  • -ie
Woordherkomst en -opbouw
  • [1] Als een variant van -ij, van het Middelnederlandse -ie, dat geleend is uit Oudfrans -ie, van het Latijnse -ia, van het Oudgriekse -ια (-ia).
  • [2] Zuidhollandse, m.n. Rotterdamse variant van het achtervoegsel -tje [1], ook in het Zuidafrikaans, -ie.

Achtervoegsel

-ie [2]

  1. v ter vorming van substantieven, met een abstracte betekenis
  2. o (informeel) ter vorming van (het enkelvoud van) verkleinvormen
Hyponiemen

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Marc van Oostendorp “De onbeschaafde ie” op vanoostendorp.nl
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).