Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sfeer
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gebied rond de aarde’ voor het eerst aangetroffen in 1548 [1]
  • afgeleid van het Griekse 'sphaira' (globe, sfeer)
enkelvoud meervoud
naamwoord sfeer sferen
verkleinwoord sfeertje sfeertjes

Zelfstandig naamwoord

sfeer v/m

  1. de gedachten en gevoelens die de gemoederen bezighouden
     De sfeer was altijd opgewekt, maar al snel ging iedereen over tot de orde van de dag en vertrok naar zijn of haar kamer om huiswerk te maken en ‘écht’ belangrijke mensen te bellen over de laatste drama’s op school.[2]
  2. een bolvormig volume rond een centraal punt
  3. gebied (laag) op of rond de aarde
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen