mededelen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·de·de·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
mededelen
deelde mede
medegedeeld
zwak -d volledig

Werkwoord

mededelen

  1. overgankelijk deelnemen, deel hebben
  2. ditransitief doen vernemen
    • Dit hebben wij nooit medegedeeld gekregen. 
Schrijfwijzen
Synoniemen
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be