Nederlands

Huidig
bestand
75
Uitspraak
Woordafbreking
  • -es
Woordherkomst en -opbouw

Achtervoegsel

[A] -es v

  1. vormt de vrouwelijke vorm van een beroep of (handelende) persoon.
    • zanger → zangeres .
    • baron → barones .
    • eigenaar → eigenares .
    • diaken en diacones hebben dezelfde Latijnse oorsprong: diaconus .
Synoniemen
Verwante begrippen
  • vrouwelijke vorm van -is
Afgeleide begrippen
Vertalingen

[B] -es v / m

  1. (muziek) symbool voor een toon die met een halve toon verlaagd is ten opzichte van de grondtoon
  2. (muziek) akkoordsymbool voor een accoord toon dat een (met een halve toon) verlaagde grondtoon heeft
    • G → Ges .
    • A → As .
Opmerkingen
  • Na een klinker vervalt de 'e'.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. -es op website: Etymologiebank.nl
  4. A. van Loey
    “Schönfeld's Historische Grammatica van het Nederlands”, 8e druk (1970), Zutphen, ISBN 9003211701, § 180


Latijn

Huidig
bestand
1

Achtervoegsel

-es g, soms m of v

  1. vormt zelfstandige naamwoorden van naamwoorden, hiervan de handelend persoon gevend, -er, -aar. Komt weinig voor en de afleiding is vaak verouderd of onregelmatig.
    «equusĕquĕs»
    paard → ruiter
    «pespĕdĕs»
    voet → voetganger, infanterist
    «alaālĕs»
    vleugel → vogel
    «com- + ire → (comeo) → cŏmĕs»
    samen + gaan → metgezel, begeleider
Synoniemen
Verwante begrippen
Verbuiging


Verwijzingen