woedend

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • woe·dend
Woordherkomst en -opbouw
  • Onvoltooid deelwoord van woeden.
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen woedend woedender woedendst
verbogen woedende woedendere woedendste
partitief woedends woedenders -

Bijvoeglijk naamwoord

woedend

  1. bijzonder boos, heel erg kwaad
    • Zijn woedende vader gaf hem een week huisarrest. 
    • Wanneer iemand woedend is wordt dat gezien als een graadje erger na kwaad zijn en twee graden erger dan boos zijn. 
Schrijfwijzen
  • In bijdrage op internetfora en in digitale persoonlijke berichten wordt soms opzettelijk de spelling "weodend" gebruikt als nabootsing van een uit opwinding gemaakte spelfout.
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van: woeden
verbogen vorm: woedende

woedend

  1. onvoltooid deelwoord van woeden

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be