plantkunde

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plant·kun·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plantkunde -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

plantkunde v

  1. (wetenschap), (biologie) het onderdeel van de biologie dat zich bezighoudt met de studie van de planten
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be