Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·les
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘onbepaald voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in 1599 [1]
  • Genitief van al, misschien beïnvloed door het Duitse alles [2]

Onbepaald voornaamwoord

alles

  1. al het mogelijke, de gehele verzameling of hoeveelheid zonder uitzondering
    • Hij had alles gedaan om zijn proefschrift op tijd af te hebben. 
     Ik kon niet alles goed volgen, maar het monotone geluid van stemmen om mij heen voelde veilig en vertrouwd.[3]
     Wanneer je dit alles bij elkaar optelde klonk het heel goed.[4]
  2. van alles: veel verschillende zaken
    • Hier kun je van alles kopen. 
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "alles" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. alles op website: Etymologiebank.nl
  3. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  4. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer) “Kop in het zand” (2015), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044628142
  5.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Pennsylvania-Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·les

Onbepaald voornaamwoord

alles

  1. alles
Verwante begrippen
Opmerkingen