redenering

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·de·ne·ring
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord redenering redeneringen
verkleinwoord redenerinkje redenerinkjes

Zelfstandig naamwoord

redenering v

  1. het proces waarmee men (in de logica) van een aantal argumenten, premissen of axioma's tot een standpunt of conclusie komt
    • Zijn redenering zette de andere leerlingen aan het denken. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be