standpunt

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stand·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord standpunt standpunten
verkleinwoord standpuntje standpuntjes

Zelfstandig naamwoord

standpunt o

  1. een houding die men aanneemt ten aanzien van een actueel vraagstuk
    • Het standpunt van de partij staat nog ter discussie. 
  2. het punt waar men zich bevindt om waar te nemen
    • De foto is genomen vanaf het hoogte standpunt. 
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be