makedonský


Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /makɛdɔnskiː/
Woordafbreking
  • ma·ke·don·ský
Woordherkomst en -opbouw

Bijvoeglijk naamwoord

makedonský

  1. (demoniem)(verouderd) Noord-Macedonisch, Macedonisch; met betrekking tot het land Macedonië
  2. (demoniem) Macedonisch; met betrekking tot het volk de Macedoniërs
  3. (taal) Macedonisch; met betrekking tot de taal het Macedonisch
Verbuiging


Vervoeging
Synoniemen
  1. severomakedonský, (verouderd) macedonský
  2. (verouderd) macedonský
  3. (verouderd) macedonský
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
Verwante begrippen

Verwijzingen