locatief

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lo·ca·tief
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord locatief locatieven
verkleinwoord locatiefje locatiefjes

Zelfstandig naamwoord

locatief m

  1. (taalkunde) de zevende naamval die een betrekking van plaats aanduidt
    • In die zin dient een locatief gebruikt te worden. 
Synoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

60 % van de Nederlanders;
80 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be