bokkenpoot

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bok·ken·poot
Woordherkomst en -opbouw
  • samenstelling van  bok zn  en  poot zn  met het invoegsel -en-  [1]
    • [4]-[8]: vanwege de gelijkenis in vorm [2]
    • [9], [10]: "bok" in de betekenis van "hijskraan of steun voor zware voorwerpen", omdat de staanders op de poten van een bok lijken
    • [11]: vermoedelijk naar de indruk die het beslag op de hak van een soldatenlaars in de grond achterliet [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord bokkenpoot bokkenpoten
verkleinwoord bokkenpootje bokkenpootjes

Zelfstandig naamwoord

bokkenpoot m

  1. (anatomie) elk van de vier ledematen van een mannelijke geit of hert
     Meestal moet een amulet een gevaar voor de drager afweren, maar welk: een of andere bokkenziekte, een trap van een bokkenpoot, de vrees geofferd te worden?[4]
  2. (figuurlijk) benaming voor op ledematen van een bok lijkende benen van een mythisch wezen
     Mijn boeken zitten vol met djinns – dat zijn demonen uit de arabische wereld die in waterputten en toiletten huizen – en dit toneelstuk begint al met een visioen van de hel: in de openingsmonoloog vermeng ik de schaduw van de God Pan met het middeleeuwse beeld van de duivel met bokkenpoten.[5]
  3. (figuurlijk) aanduiding voor een mythisch wezen met benen die op de poten van een bok lijken, zoals een duivel of een sater
     Eerst komt de aanval van satan, die bokkenpoot, van buitenaf.[6]
  4. (gereedschap) kwast waarvan de borstel met een knik aan de steel zit, om plekken te schilderen of smeren die met een rechte steel moeilijk te bereiken zijn
     In vroeger tijden had iedere sluis een eigen onderhoudsmonteur die op geregelde tijden met een emmertje smeermiddel en een bokkenpoot de kettingen smeerde.[7]
  5. sierlijke poot van een meubelstuk die onderaan met een ronde verdikking eindigt
     De stoel heeft overhoekse bokkenpoten die als voet een uitgedijde zool hebben.[8]
  6. (gereedschap) handvat met een plat afgerond uiteinde, waarmee de nagelriem kan worden teruggeduwd
     Een onmisbare accessoire in de manicure behandeling is de bokkenpoot. Zijn je nagelriemen soepel en zacht geworden door de nagelriemcrème? Dan is het tijd om met een bokkenpoot de nagelriem voorzichtig terug te duwen.[9]
  7. staafje in een uurwerk dat ervoor zorgt dat op gezette tijden een geluidssignaal wordt gegeven
     Een andere manier is het handmatig oplichten van de bokkenpoot of de paardenkop. Na deze handeling gaat het uurwerk slaan. Dat oplichten kan dan worden herhaald tot het uurwerk weer op slag is.[10]
  8. (plantkunde) (Suriname) sierplant met schijnstammen, Alpinia purpurata  , bloeiend met een aar die rode schutbladen heeft
     “Wij hebben tijdens ons bezoek vele van deze vrouwen persoonlijk een bloemetje aangeboden en hun een fijne Moederdag toegewenst. De bloemetjes, onze Surinaamse bokkenpoot en Braziliaanse lelie, vielen ook bijzonder in de smaak”, zegt voorzitter Angelic del Castilho.[11]
  9. (bouwkunde) (verouderd) onderdeel van een hijskraan of heistelling, bestaande uit twee schuine palen die bovenaan met elkaar zijn verbonden en scharnierend met de ondergrond zijn verbonden
      Hierop komen de beenen van een bok, de z.g. „bokkenpoot”, (een kleine schrank) met hun topeinden te rusten. De voeteinden vinden op dezelfde plaat steun als de stellingbeenen. Zoowel de ondereinden van de stellingschrank als van den bokkenpoot zijn van „proken” (…) voorzien om het onderuitglijden tegen te gaan.[12]
  10. (scheepvaart) scharnierende constructie waarmee de mast van een zeilschip kan worden opgezet of gestreken
     Bij het strijken van de mast op een tjalk brak de bokkenpoot, waardoor de mast viel en vrouw, schipper en knecht gekwetst werden; de vrouw is per brancard naar het Gasthuis vervoerd.[13]
  11. (militair) (spottend) benaming voor infanterist of marinier
     Was je infanterist, dan werd je nageroepen voor „bokkenpoot" of zandhaas.[14]
Schrijfwijzen
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. bokkenpoot op website: Etymologiebank.nl
  3. bokkenpoot op website: Etymologiebank.nl
  4.   Weblink bron Guus Middag Het Van Geel Alfabet in: Tirade, 379 jrg. 43 nr. 2 (juni 1999), G.A. van Oorschot, Amsterdam, p. 96
  5.   Weblink bron Anneriek de Jong “`Ook ik heb mijn duistere kant'” (7 maart 2001) op nrc.nl
  6.   Weblink bron Gearchiveerde versie Hans. J. F. van Veen “preek: Ananias en Safira (Handelingen 5:1-11)” op kerken.com
  7.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Renovatie van de sluizen in Eefde en Delden” op kwtransmissies.nl
  8.   Weblink bron “Stoel bekleed met groene trijp en symmetrische rugplank” op lakenhal.nl
  9.   Weblink bron Gearchiveerde versie Iris van Breugel “Nagelverzorging - Tips” (15 december 2019) op plein.nl
  10.   Weblink bron Gearchiveerde versie J.G. Beelaerts van Blokland “Restauratieverslag : De reparatie van een Friese staartklok; Een Kantoortje met kwartierslag.” (24 april 2001), p. 16
  11.   Weblink bron Gearchiveerde versie GFC “DA91 gedenkt moeders Saoema Markt” (14 mei 2017) op nieuws-suriname.nl
  12.   Weblink bron C. J. W. Schorteldoek Het uitvoeren van heiwerken in: Het bouwbedrijf; maandblad voor bouwkunde, techniek en handel, jrg. 1 nr. 3 (september 1924), p. 136 kol. 2
  13.   Weblink bron Stadsnieuws in: De Tijd, jrg. 47 nr. 13371 (21 juli 1891), Gebr. Verhoeven, 's-Hertogenbosch, p. 6 kol. 3
  14.   Weblink bron Ingezonden : Krijgt Nederland een groot beroepsleger? Doel: Geen agressie doch veiligheid in: De vrije wereld, jrg. 1 nr. 17 (24 maart 1945), De Patriot, Nieuw Vennep, p. 4 kol. 1