wielrenner

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wiel·ren·ner
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wielrenner wielrenners
verkleinwoord wielrennertje wielrennertjes

Zelfstandig naamwoord

wielrenner m

  1. (sport) (beroep) iemand die op hoge snelheid fietst in wedstrijdverband
    • Hij is een beroemd wielrenner. 
Synoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be