waterpokken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·pok·ken
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord - waterpokken
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

waterpokken v / m mv

  1. (medisch) een goedaardige infectieziekte die gepaard gaat met het verschijnen van rode vlekjes op de huid die daarna overgaan in jeukende blaasjes
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be