• mo·gen
  • In de betekenis van ‘vrijheid hebben te, vermogen’ voor het eerst aangetroffen in 1200 [1]
  • afkomstig van:
Middelnederlands: mogen, moghen
Oudnederlands: mugan
Germaans: *maganan
Indo-Europees: *megʰ-
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: may (Angelsaksisch: magan), Duits: mögen, (Oudhoogduits: mugan), Oudfries: muga
Noord: Zweeds: må, Deens: måtte, (Oudnoords: mega), IJslands/Faeröers: mega
Oost: Gotisch: magan
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
mogen
mocht
gemogen*
onregelmatig volledig

mogen

  1. modaal werkwoord ergens toestemming voor hebben
    • Hij mag veel te veel. 
    • Wij mochten niet komen. 
     Ik vond binnen vijf minuten een blokhut in de buurt voor de hele groep. Die avond zouden we eindelijk een gezonde maaltijd kunnen koken. Na de lunch mochten we erin.[2]
     En dan te bedenken dat je in Amerika niet eens topless op het strand mag liggen.[2]
  2. onpersoonlijk toegestaan zijn
    • Nee, dat mag niet.  
  3. overgankelijk op prijs stellen, houden van (in deze betekenis vaak gecombineerd met graag)
    • Ik mag die jongen wel 
    • Albert mocht hem niet. Misschien omdat hij knap was.[3] 
     Zo iemand moest je wel mogen. Bewonderen zelfs, omdat ze het niet altijd even gemakkelijk kon hebben gehad in haar leven.[4]
     Ook al zag hij eruit als een wilde heavymetalfan, hij had een vriendelijke toon in zijn stem waardoor ik hem meteen mocht.[2]
  4. modaal werkwoord drukt een wens uit ten aanzien van het grammaticale onderwerp
    • Mogen zij in vrede rusten. 
  5. modaal werkwoord kunnen
    • Je mag aannemen dat het zo klopt. 
    • Het mocht niet baten. 
  6. overgankelijk lusten
  7. modaal werkwoord (eufemisme) iets moeten
     Op 10 juli 2019 bereikt la belle fille op haar racefiets zwoegend de top. Ze zou net als haar voorgangers uit de 17de eeuw ook wel een frisse duik willen nemen, maar voorlopig volstaan gulzige slokken uit haar bidon. Een bijrolletje in de historie van La Planche is genoeg. Morgen mogen de mooie jongens.[5]
  • Mocht kan alleen gebruikt worden als de genoemde toestand mogelijk is, als er onzekerheid is.[6]
  • Voor het voltooid deelwoord bestaan ook de sterk verouderde vormen gemocht en gemoogd.
99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[7]
  1. "mogen" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. 2,0 2,1 2,2
    Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  3. Lemaitre, Pierre
    Tot ziens daarboven 2014 ISBN 9789401601931 pagina 12
  4. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer)
    “Kop in het zand” (2015), Uitgeverij Prometheus  , ISBN 9789044628142
  5.   Weblink bron
    Rob Gollin
    “De helling van de mooie meisjes knijpt de renner de keel dicht” (10 juli 2019), de Volkskrant
  6. Taalmail 453 van 20 september 2010, vraagpunt nr 5
  7.   Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be