voorbeeldig

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voor·beel·dig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen voorbeeldig voorbeeldiger voorbeeldigst
verbogen voorbeeldige voorbeeldigere voorbeeldigste
partitief voorbeeldigs voorbeeldigers -

Bijvoeglijk naamwoord

voorbeeldig

  1. dat iets of iemand als voorbeeld kan dienen
    • Het voorbeeldige meisje had nooit vlekken op haar jurkje. 
    • De integratie van (voormalige) nazi's verliep voorbeeldig. In het kabinet van de joodse, sociaal-democratische bondskanselier Bruno Kreisky, die regeerde van 1970 tot 1983, zaten maar liefst vijf ministers met een NSDAP-verleden, onder wie de sociaal-democraat Otto Rösch. [1] 
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. www.historischnieuwsblad.nl
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be