volkenkunde

Nederlands

 
museum volkenkunde Leiden
Uitspraak
Woordafbreking
  • vol·ken·kun·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord volkenkunde
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

volkenkunde v [1]

  1. (wetenschap), (volkenkunde) de wetenschap die het sociale gedrag, de economische structuur en de religie van volken en bevolkingsgroepen bestudeert, het is een van de vier hoofdstroming van de antropologie
    • Wesselink mocht voor het Museum van Wesselink gebruikmaken van de collectie van het Tropenmuseum, het Afrika Museum en het Museum Volkenkunde. Hij kondigde zijn museum enkele dagen terug al aan in een video.[2] 
    • De 55-jarige zanger mocht net als Floortje het depot van het Nationaal Museum van Wereldculturen in om museumstukken te selecteren. Daar liggen maar liefst 375.000 objecten uit het Tropenmuseum, Afrika Museum en Museum Volkenkunde. Kenny B koos uit de collectie vooral voor een combinatie van muzikaal en Surinaams.[3] 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. de Telegraaf 28 sep. 2017
  3. de Telegraaf 25 jul. 2017
  4.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be