throw
- Geluid: throw (VS) (hulp, bestand)
- IPA: /θroʊ/
- erfwoord afkomstig van:
- Middelengels: throwen, thrawen
- Angelsaksisch: þrāwan (draaien, krullen, martelen)
- Germaans: *þrēaną (draaien)
- Indo-Europees: *ter- (door draaien wrijven)
- Verwant in Germaans:
enkelvoud | meervoud |
---|---|
throw | throws |