slechthorend

Nederlands

 
teken van slechthorenden
Uitspraak
Woordafbreking
  • slecht·ho·rend
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen slechthorend slechthorender slechthorendst
verbogen slechthorende slechthorendere slechthorendste
partitief slechthorends slechthorenders -

Bijvoeglijk naamwoord

slechthorend

  1. niet goed geluid kunnen waarnemen
    • Belemmering van de geleiding van het geluid door te veel oorsmeer, een kapot trommelvlies, een middenoor dat vol slijm of pus zit of gehoorbeentjes die niet goed bewegen. Dat heet geleidingsslechthorendheid[2] 
    • ‘Ik kom ervoor uit dat ik slechthorend ben en was dan ook blij om met Virgin Active te kunnen tonen dat mensen met gehoorbeperkingen ook een actief en gezond leven leiden’, aldus Welgemoed nog. ‘Maar blijkbaar vinden jullie (Virgin Active, red.) niet dat we dat doen. Blijkbaar schaamden jullie zich voor mijn gehoorimplantaat. Jullie werkten een deel van mezelf weg zonder toestemming en dat vind ik niet kunnen.’ [3] 
Synoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen