lokjood

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lok·jood
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord lokjood lokjoden
verkleinwoord lokjoodje lokjoodjes

Zelfstandig naamwoord

lokjood m

  1. (juridisch) undercoveragent die zich met een keppeltje presenteert als jood om mensen die zich schuldig maken aan antisemitische uitingen en handelingen op heterdaad te betrappen
     Amsterdam overweegt ‘lokjoden’ in te zetten in de strijd tegen antisemitisme op straat. De Amsterdamse waarnemend burgemeester Lodewijk Asscher heeft het voorstel, afkomstig van het nieuwe PvdA-kamerlid Ahmed Marcouch al omarmd.[1]
Vertalingen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Joost Bosman. 5 Vragen over lokjoden in: Provinciale Zeeuwse Courant   (22-06-2010), p. 4