• ana

ana

  1. (op medische voorschriften) hetzelfde van elke


  • ana
  • Afkomstig van het voltooid deelwoord van ana / ane.

ana

  1. vermoed, bevroed, voorgevoeld
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud ana meir ana mest ana
o enkelvoud ana
meervoud ana
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
ana meir ana mest ana

ana

  1. onbepaalde wijs, tweede vorm naast ane, zie aldaar

ana

  1. verleden tijd van ana
  2. voltooid deelwoord van ana

ana

  1. verleden tijd van ane
  2. voltooid deelwoord van ane