kaartspel

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kaart·spel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kaartspel kaartspellen
kaartspelen
verkleinwoord kaartspelletje kaartspelletjes

Zelfstandig naamwoord

kaartspel o

  1. een spel met speelkaarten
    • Het schijnt dat veel mensen dat Amerikaanse kaartspel erg leuk vinden. 
  2. een spel kaarten
    • Heb je het kaartspel meegenomen? 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Nedersaksisch

Zelfstandig naamwoord

kaartspel

  1. kaartspel; een spel met speelkaarten
Verwante begrippen


Veluws

Zelfstandig naamwoord

kaartspel

  1. kaartspel; een spel met speelkaarten
Verwante begrippen