reçu
  • re·çu
  • uit het Frans[1]
enkelvoud meervoud
naamwoord reçu reçu's
verkleinwoord reçuutje reçuutjes

het reçuo

  1. schriftelijk bewijs van ontvangst in de vorm van een bonnetje
    • Carter had wel lof over voor het verkiezingsproces in Venezuela. Hij prees het Venezolaanse systeem waarbij de stem van de kiezer via een touchscreen wordt ingevoerd en onmiddellijk op een centrale plek wordt opgeslagen. De kiezer zelf ontvangt een reçu waarmee hij of zij beschikt over een controlemiddel. Carter zei op de hoogte te zijn van de 'kritiek op de uitslag' van de jongste verkiezingen in het Latijns-Amerikaanse land, maar zei dat president Hugo Chavez 'eerlijk' heeft gewonnen. [2] 
    • De 17-jarige Niek uit Rotterdam heeft een bijzondere hobby. Waar de een suikerzakjes spaart of postzegels, heeft de autistische Niek zijn zinnen gezet op de kassabonnen van de Hema. Zijn moeder plaatste een oproep op Facebook om haar zoon te helpen zijn verzameling te completeren. En compleet is het pas als hij van elk Nederlands filiaal een reçu in handen heeft. [3] 
    • En in het geval van zoek en gevonden; hoe lang duurde de vermissing en wat voor voorzieningen werden er geboden? Ik raakte ooit een koffer kwijt, sorry zoek, op de route Amsterdam-Parijs-Buenos Aires. Met slechts een handtas en reçu van de vermist-balie trok ik de wereldstad in, op zich al een ervaring. [4] 
90 % van de Nederlanders;
86 % van de Vlamingen.[5]