parkeermeter

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • par·keer·me·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord parkeermeter parkeermeters
verkleinwoord parkeermetertje parkeermetertjes

Zelfstandig naamwoord

parkeermeter m

  1. een automaat die naast een parkeerplaats staat om bij te houden hoelang de eigenaar van de daar geparkeerde auto zijn wagen nog mag laten staan, betalen kan soms met munten, soms met een bankpas of anderszins
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be