introversie

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·tro·ver·sie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord introversie -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

introversie v [1]

  1. (psychologie) aandacht die naar binnen gericht is
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen