graflegging


Nederlands

 
graflegging van Christus
Uitspraak
Woordafbreking
  • graf·leg·ging
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van graf en leggen met het achtervoegsel -ing
enkelvoud meervoud
naamwoord graflegging grafleggingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

graflegging v [1]

  1. het begraven van iemand
    • Vrijdagavond vindt de processie plaats met voorop een kist met daarop een geborduurd kleed, de epitafios, met daarop afgebeeld de graflegging van Jezus. [2] 
    • Op donderdag komt de instelling van het avondmaal aan bod, op vrijdag Christus’ kruisiging en dood en op zaterdag de graflegging. De zondag is een speciale dag voor meditatie, waarop Gods schepping, maar vooral Christus’ opstanding centraal staat. [3] 
    • Gevraagd naar zo’n fraai detail vertelt Mijksenaar over de tekening die IKEA gebruikt om duidelijk te maken dat bijvoorbeeld een keukentafel te zwaar is om alleen te tillen. „Dan krijg je een tekening waarbij twee of drie mensen met het voorwerp in de weer zijn. Die plaatjes doen me denken aan renaissanceschilderijen met de graflegging van Christus.” [4] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. De Telegraaf NIRBA KASS HANNA 31 mrt. 2015 Puntmutsen, boterlammetjes en creamy eggs
  3. Reformatorisch Dagblad Dr. R. W. de Koeijer 23-08-2018 Geloofsomgang heeft dagelijkse zorg nodig
  4. NRC Arjen Ribbens 11 november 2015 Zo makkelijk zijn IKEA-handleidingen
  5.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be