beginpunt

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·gin·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord beginpunt beginpunten
verkleinwoord beginpuntje beginpuntjes

Zelfstandig naamwoord

beginpunt o

  1. het punt waar iets begint
    • Het beginpunt van de grafiek was niet goed af te lezen. 
     Ik draaide me om en liep naar de beroemde Southern Terminus-palen die het beginpunt vormen van de Pacific Crest Trail.[1]
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  2.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be