watermeter

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wa·ter·me·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord watermeter watermeters
verkleinwoord watermetertje watermetertjes

Zelfstandig naamwoord

watermeter m

  1. debietmeter die de verbruikte hoeveelheid leidingwater registreert.
  2. stroommeter, instrument om de snelheid van een stromend water te meten.
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be