stadsleven


Nederlands

 
het drukke stadsleven
Uitspraak
Woordafbreking
  • stads·le·ven
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stadsleven
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

stadsleven o [1]

  1. het drukke bestaan dat gedomineerd wordt door de aanwezigheid van grote groepen mensen
     Volgens hem heeft het stadsleven veel van onze zintuigen verzwakt en door ze te reactiveren en een met de natuur te worden, zou ik voor een groot deel op mezelf moeten kunnen vertrouwen.[2]
     Volgens Amerikaanse media lopen de huizenprijzen op tot 40 miljoen dollar. Serra Retreat wordt dan ook gezien als een ‘toevluchtsoord’ voor mensen die het drukke stadsleven in LA beu zijn.[3]
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid


Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers  
  3.   Weblink bron “Archie viert eerste verjaardag in miljoenenonderkomen in Malibu” (6 mei 2020), Tubantia