harddrug

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hard·drug
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘verslavende drug’ voor het eerst aangetroffen in 1973 [1]
  • samenstelling van  hard  en  drug  [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord harddrug harddrugs
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

harddrug m

  1. sterk verslavende chemische stof
     Er ontstaat een soort gelukscocktail zodra je de hele dag loopt. Een mix van endorfine, serotonine, dopamine, oxytocine en testosteron. Als je deze hormonen allemaal tegelijk ervaart geven ze een wonderlijk gevoel dat net zo verslavend is als elke harddrug.[3]
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen