dierenseks

1. geslachtsverkeer van beesten (hier: huismussen)
2. geslachtsverkeer van mensen met beesten
(tempel van Lakshmana in Khajuraho)

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • die·ren·seks
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dierenseks -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

dierenseks m

  1. geslachtsverkeer van beesten
    • Ook dierenseks hoort tot de toppers, eerst de gevechten en vervolgens de triomf van het overwinnende mannetje. [1]
  2. geslachtsverkeer van mensen met beesten
    • De JOVD-afdeling Rijnmond neemt het voortouw om het het pleidooi voor de dierenseks weer uit het programma te schrappen. [2]
Synoniemen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen