zwartboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwart·boek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zwartboek zwartboeken
verkleinwoord zwartboekje zwartboekjes

Zelfstandig naamwoord

zwartboek o

  1. een publicatie van gegevens over een misstand
    • Over de Tweede Wereldoorlog zijn veel zwartboeken gepubliceerd. 
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.

Meer informatie