toezwaaien

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • toe·zwaai·en
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

toezwaaien [1]

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
toezwaaien
zwaaide toe
toegezwaaid
zwak -d volledig
  1. door middel van zwaaien iets naar iemand laten gaan
  2. iemand door wuiven groeten
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • wierookvat toezwaaien
iemand complimenteren
  • iemand lof toezwaaien
iemand complimenteren
  • Journalisten zou de premier - onder vier ogen en op belofte van volstrekte geheimhouding - herhaaldelijk ‘toevertrouwd’ hebben dat hij François Hollande ‘niet respecteerde, en hem niet meer kon verdragen’. Openlijk bleef hij de president echter steunen en lof toezwaaien.[2]
  • Hij beperkte zich tot twee zinnen aan het adres van de Maltese premier Joseph Muscat, die net voor hem gesproken had: ,,Ik wil hem lof toezwaaien voor zijn voorzitterschap, hij heeft knap werk verricht. Dank u.”[3]

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. de Standaard 10 mei 2017
  3. Tubantia Frans Boogaard 4 juli 2017