rustbed

Nederlands

 
vrouw op een rustbed
Uitspraak
Woordafbreking
  • rust·bed
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord rustbed rustbedden
verkleinwoord rustbedje rustbedjes

Zelfstandig naamwoord

rustbed o [1]

  1. een bank waarop je kan liggen als je rust nodig hebt
    • In de oud-Duitse Bijbel staat dat Salomo zich een ”Sanfte” liet maken, een rustbed in een rustkamer. Daar komt ”Ruhe sanfte” vandaan. De betekenis is: wacht nog een korte tijd en Christus zal opstaan. [2] 
    • Een 22-jarige Duitse toerist heeft volgens het Openbaar Ministerie in juli in het Rijksmuseum in Amsterdam een 17e-eeuws rustbed (waarde 2,5 miljoen euro) vernield. De man moet dinsdag voor de rechtbank verschijnen. Hij ontkent, zegt zijn advocaat Keith Cheng. [3] 
    • Op zijn rustbed las hij het script, liet Creevy naar Los Angeles komen en zei: ’Ik ben gecharmeerd van jullie ideeën, laten we deze film maken’. Wat een geluk en voorrecht dat hij ons project zag zitten! Ridley Scott is toch een beetje de godfather van de Britse cinema. Als hij zich ergens mee bemoeit, gaan er opeens deuren open die anders potdicht blijven.” [4] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.[5]

Verwijzingen