Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ra·bat
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Italiaans [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord rabat rabatten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

rabat o [2]

  1. een vermindering van de oorspronkelijke prijs, meestal met een bepaald percentage
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

83 % van de Nederlanders;
69 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen