nutsvoorziening

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nuts·voor·zie·ning
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord nutsvoorziening nutsvoorzieningen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

nutsvoorziening v

  1. een bedrijf dat, vaak vanuit een monopoliepositie, opereert in een sector die beschouwd wordt zijnde van openbaar nut omdat het belangrijke producten of diensten levert die in het algemeen belang zijn
    • "Belangrijke nutsvoorzieningen zoals gas en elektriciteit moeten wettelijk binnen achttien weken na aanvraag aangesloten worden. Als deze termijn steeds vaker overschreden wordt, is dat zorgwekkend,"zegt de bewindsvrouw.[1] 
    • De Huurcommissie kan overigens ook uitspraken doen over de manier waarop de verhuurder de woning onderhoudt of over de servicekosten of kosten voor nutsvoorzieningen. Maar dat geldt nu alleen voor mensen die huren in de sociale sector.[2] 
    • Raadslid Tiers Bakker (SP): Ïnternet heeft zich ontwikkeld tot een belangrijke nutsvoorziening. Om mee te doen in de samenleving kan je bijna niet zonder internet. Net als het wegennetwerk zou de 'digitale snelweg'daarom voor iedereen gratis toegankelijk moeten zijn.[3] 
Synoniemen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[4]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Het Parool 23 APRIL 2018 Onderzoek naar vertragingen bij nieuwbouw
  2. Het Parool 27 JANUARI 2018 Huurders vrije sector laten geld liggen
  3. Het Parool 21 JULI 2016 Plan voor gratis wifi in heel Amsterdam
  4.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be