drukknop

Nederlands

 
drukknop telefoon
Uitspraak
Woordafbreking
  • druk·knop
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord drukknop drukknoppen
verkleinwoord drukknopje drukknopjes

Zelfstandig naamwoord

drukknop v/m [1]

  1. een knop weer terug veert na indrukken en weer loslaten
    • De lichtmetalen velgen zijn met 18 inch relatief bescheiden. De grote ronde uitlaatpijpen links en rechts zijn geraffineerd stout in het nette. Er is een omstandig gedesignde, in geperforeerd leer verpakte automaathendel, met een aparte drukknop voor de parkeerstand die je bij volkse automaatpoken eenvoudiger bereikt door in een rechte lijn naar ‘P’ te schuiven, maar onpraktisch is in lifestylecontext gewaardeerde eigenzinnigheid. In de achterbumper zit een klein roostertje, alsof daarachter nog een carrièremotor staat te dampen. Het is perfect decent uitbundig op het randje. [2] 
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Bas van Putten 23 april 2016
  3.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be