doorzetter

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • door·zet·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord doorzetter doorzetters
verkleinwoord doorzettertje doorzettertjes

Zelfstandig naamwoord

doorzetter m

  1. iemand die volhoudt ook als het niet makkelijk gaat
    • Mijn dochter is een echte doorzetter. Ze blijft proberen totdat iets lukt. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be