zomerbloem

Zomerbloemen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zo·mer·bloem
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zomerbloem zomerbloemen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

zomerbloem m/v

  1. kleurrijke en geurige bloeiwijze van een plant die typisch in het warmste deel van het jaar bloeit
Vertalingen

Gangbaarheid