rustgevend

Nederlands

 
veel mensen vinden kijken naar een aquarium heel rustgevend
Uitspraak
Woordafbreking
  • rust·ge·vend
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen rustgevend rustgevender rustgevendst
verbogen rustgevende rustgevendere rustgevendste
partitief rustgevends rustgevenders -

Bijvoeglijk naamwoord

rustgevend [1]

  1. van een persoon of zaak dat die mensen kalm en minder bang maakt
    • Zijn rustgevende stem zorgde ervoor dat niemand in paniek raakte. 
    • Dit weekend zitten tienduizenden Nederlanders te turen naar hun tuin of balkon, voor de nationale tuinvogeltelling. Het is groepswetenschap, maar ook bezigheidstherapie. Vogels tellen lijkt op schaapjes tellen: rustgevend. [2] 
    • Veel mensen gebruiken rustgevende medicijnen. 
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Arjen van Veelen 27 januari 2017
  3.   Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be